Wat is Decubitus?

Jaarlijks krijgen duizenden mensen doorligwonden (medische naam: Decubitus). Decubitus ontstaat voornamelijk door vervorming van de bovenste huidlaag. Dit kan het gevolg zijn van druk, bijvoorbeeld door langdurig in dezelfde houding liggen of zitten. Maar ook door afschuifkrachten (wrijving), bijvoorbeeld als iemand langere tijd in een halve zithouding in bed zit. Het gevolg van de huidvervorming is dat de doorstroming van het bloed plaatselijk vermindert. Daardoor ontstaat zuurstofgebrek in sommige delen van de huid en het weefsel daaronder. Het gevolg is dat cellen afsterven en er kunnen oppervlakkige tot diepe wonden ontstaan.   

Er zijn verschillende gradaties van Decubitus. De lichtste mate van decubitus betreft roodheid van de huid en wordt niet altijd direct als decubitus herkend. Het is echter belangrijk om, bij verhoogd risico op doorliggen, de huid regelmatig op roodheid te controleren. In deze eerste fase kan door ingrijpen, erger voorkomen worden!   

Decubitus vindt vooral plaats op plekken van het lichaam waar het bot zich direct onder de oppervlakte van de huid bevindt, dus zonder een vetlaag ertussen. Deze plekken zijn bijvoorbeeld het sacrum (stuitje), achterhoofd, hielen en ellebogen. Op andere plaatsten zorgt het onderliggende vet, de zogenaamde subcutane vetlaag, ervoor dat de druk enigszins verdeeld wordt. De vetlaag werkt dan als een extra kussen.   

Afhankelijk van de houding van de persoon, ontstaan doorligwonden regelmatig op een aantal van deze risico gebieden. Deze zijn weergegeven in de eerste figuur.  

Factoren bij het ontstaan van Decubitus

Behalve druk en afschuiving, zijn ook temperatuur, vochtigheid en ventilatie belangrijke externe factoren die van invloed zijn op het ontstaan van decubitus. Deze factoren samen noemen we het microklimaat.   

In het volgende schema zijn alle bekende factoren weergegeven die invloed hebben op het ontstaan van decubitus. Rechts staan de zogenaamde inwendige factoren. Dit zijn elementen die betrekking hebben op de gezondheid van een persoon. In ziekenhuizen worden deze elementen gebruikt om vast te stellen hoe groot het risico op doorligwonden is bij individuele patiënten. Dit wordt bijvoorbeeld gedaan met behulp van de zogenaamde Braden-schaal.  

Links in de figuur staan de uitwendige factoren. Deze factoren gaan over de omgeving waarin het lichaam zich bevindt. Denk hierbij aan bijvoorbeeld de temperatuur, vochtigheid of druk op de huid. De zaken waar het lichaam mee in aanraking komt, dus de kleding, beddengoed, matrassen en kussens, etc. beïnvloeden deze factoren sterk. De juiste keuze van materialen en verzorging kan daardoor het ontstaan van doorligwonden vertragen of zelfs voorkomen.  

Bronnen:

 A consensus document (2010). International review: Pressure ulcer prevention: pressure, shear, friction and microclimate in context. Wounds International, London

Romanelli, M., Clark, M., Gefen, A., Ciprandi, G. (2018). Science and Practice of Pressure Ulcer Management. Springer-Verlag London